Header image alt text

Kerk Dinxperlo

Protestantse Gemeente Dinxperlo

Mij is gevraagd om iets te schrijven in jullie kerkblad. Nu is dit niet mijn meest geliefde werk om iets over mezelf te vertellen, maar toch ….
Mijn naam is Joop Ormel, ik woon in Lintelo samen met mijn vrouw Henny.
Samen hebben we 4 kinderen, allen getrouwd en we zijn gezegend met 10 kleinkinderen.
Ik ben met pensioen na de laatste jaren te hebben gewerkt als gemeentebode in Aalten en Dinxperlo.
Zoals vroeger in veel gezinnen stond er bij ons ook een harmonium in huis en muziekles vonden mijn ouders best belangrijk, dus een ieder kreeg orgelles, dus ik ook. Ik heb tot mijn 12e denk ik les gehad, toen had ik geen zin meer, maar zo rond mijn 15e, 16e jaar weer begonnen met spelen en later les genomen bij de cantor organist van de Oude Helena kerk te Aalten, de heer A.D.C. Kok. Na enkele jaren les te hebben gehad van de heer Kok, ben ik lessen gaan volgen op de muziekschool te Doetinchem, alwaar de heer Sjoerd Mook mijn leraar werd. Leuk om te vermelden: dit was ook de leraar van Dick Homburg. In die tijd speelde ik al regelmatig invalbeurten tijdens de kerkdiensten in Lintelo.
In 1969 ben ik benoemd als organist van de Goede Herderkerk in Doetinchem en later kwam daar ook de dienst bij in het Anker in Doetinchem, 2 diensten op een morgen. In maart 1972 ben ik benoemd als organist in Aalten en ook daar speel ik nog steeds met veel genoegen. Tevens speel ik ook in de Joriskerk te Bredevoort volgens rooster 1 à 2 keer per maand. Op een gegeven moment kwam er de vraag vanuit Dinxperlo of ik interesse had om daar ook enkele diensten te komen spelen en uiteraard had ik interesse, omdat ik heel graag speel en het fijn vind om samenzang te begeleiden. Het is prettig, dat er in Dinxperlo en De Heurne ook goed wordt gezongen en dat geeft een extra kick, want een organist kan niet fijn begeleiden als de gemeente niet zingt. Het is een wisselwerking.
Ik speel met het hart en van daaruit wil ook proberen om het evangelie over te brengen en daarbij vind ik Psalm 108 vers 1, één van mijn lievelingsspalmen. Als je de tekst en de muziek bij elkaar hoort, zijn er heel veel mooie en prachtige liederen te vinden in het liedboek.
Ik hoop nog enkele jaren de orgels te bespelen en als u interesse hebt om mij als organist bezig te zien op de zolder of opmerkingen hebt: u bent altijd welkom op het orgel na de dienst.
Een hartelijke groet van
Joop Ormel

Opbrengst dienstcollectes t.b.v. de diaconie:
08/04 Bloemendienst                         €  175,69                                   

15/04 Diaconaal  werk                        €  196,88                             

29/04 Diaconaal werk                         €  130,44                                          

10/05 Hemelvaart/diaconaal werk         €    52,81  

13/05 Diaconaal werk                          €  236,95                            

27/05 Diaconaal werk                          €  175,30                              

03/06 Diaconaal werk   /avondmaal       €  153,81

03/06 Diaconaal werk/Dr. Jenny/av.       €    52,30

10/06 Kerk in Actie/Werelddiaconaat      €  135,10

17/06 Kerk in Actie/binnenl. diacon.       €  152,56

24/06 Diaconaal werk                           €  134,48                                        

Giften:
15/04 via A. Ormel                               €    10,00                                                

14/05 via W. Hoftijzer                           €    10,00                         

03/06 via ds. Aniet van Amstel              €    10,00

Hartelijk dank,
de diaconie

Elken godsdienst kent wel een paar biezundere rituelen. Daoronder valt zowel kerkeleke sacramenten, zoas de heilege doop en ’t aeven heilige aovendmaol, maor ook de min of meer religieuze huus-, tuin- en kökkengewoontes.
Beveurbeeld ’t bidden bi-j ‘t aeten. Bi-j ons thuus wier veur en nao elke maoltied ebaeden, behalve a’w deur de grote drukte gin tied hadden um fatsoenlek an taofel te gaon en een botteram-op-de-voest atten. A’w an taofel gingen baeden Pa altied een zelf samengesteld standaard-gebed. Dat duren ongeveer en halve minute. Nów nog ken ik hele stukken uut de kop. Hie mompelen vlot, zachte en tamelek onverstaonbaor weurde en zinnen, maor dat was veur de aoverege gezinsleden gin enkel probleem, want iederéne wist toch wel wat e zei. At Pa ’s een kere niet thuus was, ging Ma veur in gebed. Ze vroeg um stilte (effen stille waezen) vouwen heure hande en dei de ogen dichte. En wi-j deien allemaole ’tzelfde. D’r was wel een bi-jkommend probleem, want i-j wisten jo nooit precies wanneer ’t gebed uut, veurbi-j en aover was. Deur stiekem tussen de wimpers deur te gluren, most i-j d’r achter zien te kommen.
Náo ’t aeten, maor véur a’w van taofel gingen, wier d’r elaezen uut ’t boek der boeken. Wi-j hadden thuus twee biebels, éne veur Pa en éne veur Ma. Den van Pa had allene een ni-j testament en Pa las ’t liefste een spannend verhaal uut de evangéliën van Jezus den aover ’t water liep. Ma dei dat anders: zie scheuren eerst een blaadjen van de dagkalender um te wetten welk biebelgedeelte vandage op ’t programma stond. Dan vroeg Ma an mi-j – ik zat an taofel altied tussen Ma en Pa in – um d’n dikken trouwbiebel te pakken, zocht ’t fragment op en laezen met heure zachte, heldere stemme een psalm van David. Psalm 23, aover de Heer den mien Herder is. Mi-j zal niks ontbraeken. Ik heur ’t heur nog zeggen.
Zondags, nao ’t aovendaeten, kon ’t gebeuren dat Ma mi-j vroeg: Ken i-j ’t versjen veur morgen al? Want op schole leern wi-j elke waeke een vers uut ’t gezangboek. Eén koeplet.
Op maondagmorgen wiere wi-j aoverheurd. Meister Frits Keuper uut de vierde klasse van de Hazenberg-schole an de Terborgseweg zetten ons eerst goed an ’t wark met moeileke delingen met een start die af en toe wél en soms niet op nul uutkwammen. Ums te beurten kwammen wi-j an de beurte. Met niet te aovertreffen ééntonegheid en zonder enig begrip van wat wi-j zeien, dreunen wi-j zo goed as ’t ging ’t versjen op. At t’r ene klaor was, schreef meister Keuper ’t resultaat in zien buuksken. 
Dan heur ik de meister zeggen: Theo Boland!
Ik schrikke,
Ik bun an de beurte;
Luud en dudelek
Met kracht van aovertuging
Zonder een greintjen tekstbegrip
Spraek ik de volgende weurde:
Rust mijn ziel, uw God is Koning
Heel de wereld Zijn gebied,
Alles wisselt op Zijn wenken,
Maar Hij Zelf verandert niet.          

Theo Boland

“De angst voor de dood leeft niet meer.”
Eén van de meest gangbare manieren voor een gedetineerde om kenbaar te maken dat hij bijvoorbeeld een arts wil zien of de dominee wil spreken, is door middel van het invullen van een verzoekbriefje. Hij kan daarop dan aankruisen dat hij de dominee wil spreken. Er is ook ruimte gelaten voor de reden van dit verzoek. Vaak vult een gedetineerde dan in: “gesprek” of “omdat ik gelovig ben”. Soms is een gedetineerde concreter in het aangeven van zijn reden. Zo ontving ik ooit een briefje met daarop de vraag, of beter gezegd, opdracht: “u moet mij de wil van God uitleggen want u weet wat God wil. Zelf snap ik niet waarom ik hier ben en daarom ben ik boos en teleurgesteld”. Ook Erik had weer een briefje ingevuld. Dat doet hij ongeveer vier keer per week, meestal zonder opgave van redenen. Nu schreef hij op zijn briefje: “ik ben bang voor de dood”. Diezelfde middag kan ik Erik bezoeken. Meestal heeft dat nogal wat voeten in de aarde, want Erik verblijft op de psychiatrische afdeling met gedetineerden/patiënten die zeer intensieve zorg nodig hebben en meestal een individueel programma hebben, omdat ze niet in een groep kunnen functioneren. Het spreken van iemand op zo’n afdeling kan dan alleen als er niemand anders uitgesloten is van zijn cel. En aangezien op zo’n afdeling iedereen bij toerbeurt er uit mag, is het vaak een hele toer om mijn agenda met het schema van een afdeling in overeenstemming te brengen. Wanneer ik Erik zie, zegt hij:  “de angst voor de dood die leeft niet meer”. Daarop vertelt Erik dat hij naar zijn eigen Pinkstergemeente heeft gebeld en die hebben door de telefoon met hem gebeden. Dat heeft hem goed gedaan. Ik zeg hem dat ik daar blij om ben. Dan zegt Erik: “Ze maken overigens mij nog wel het leven zuur”. Het wordt niet duidelijk wie ‘ze’ zijn. En wanneer ik Erik vraag waarom ‘ze’ hem het leven zuur maken, kijkt hij me verbijsterd aan. “Weet je dat niet?” Hij kijkt me aan alsof ik dat toch zeker zou moeten weten. “Ik ben christelijk en daarom vervolgen ze mij. Dat was buiten ook al zo. En daarom heb ik iemand geslagen.” We praten wat door over zijn vervolging die voor Erik verregaand is en zelfs tot in zijn hoofd reikt. Ik probeer af te tasten in hoeverre Erik nog iets in de realiteit staat door op te merken: “Ik ben ook christelijk maar mij vervolgen ze niet”. Daarop merkt Erik geïrriteerd op dat hij ook niet snapt waarom ik dan niet vervolgd word. Hij wordt dat in ieder geval wel. Dat maakt dergelijke gesprekken altijd zo lastig. Want Erik leeft in een andere werkelijkheid dan ik en ziet dingen die ik niet zie. Ik benoem dat en benoem hoe eenzaam dit voor Erik moet zijn. Om geen mens te ontmoeten, zelfs niet in een ander gelovig mens, de dominee, die hetzelfde waarneemt en ervaart. Erik knikt. Even is er iets van verbinding.
Het bovenstaande gespreksverslag is samengesteld uit een aantal fragmenten van gesprekken. Erik is dus niet een concrete gedetineerde maar is ‘samengesteld’ om toch inzichtelijk te maken, hoe het voor iemand is wanneer je in je eigen wereld leeft.

Ds. Anne van Voorst

In de achterliggende maanden heb ik met veel gemeenteleden en groepen gesproken over allerlei zaken. Een terugkerend thema in deze gesprekken was dat velen aangeven het fijn te vinden om met anderen op een open manier te spreken over geloven in een ongedwongen setting. Daarom wil ik in het komende seizoen een zeven plus één groep starten. We zullen 7 bijeenkomsten hebben plus één bijeenkomst van een dag! De 7 bijeenkomsten zullen in totaal ongeveer 2,5 à 3 uur duren. Daarbij is ook een lunch inbegrepen. De achtste bijeenkomst duurt een dag. Als groep bepalen we dan wat we gaan doen. Tijdens de 7 bijeenkomsten zal o.a. gesproken worden over geloven, ervaringen met God (of niet?), ontmoetingen met Jezus en waardoor laten we ons inspireren.
In principe zullen deze bijeenkomsten plaatsvinden op zondagochtend van 11.30 uur tot 14.00 uur. De plaats zal nog bekend gemaakt worden.
De data zijn:
14 oktober,
11 november 2018, 
20 januari,
24 februari,
17 maart,
14 april 
12 mei 2019
Iedereen, van welke leeftijdsgroep ook, die het interessant vindt om meer van het geloof te weten, is van harte welkom.
Opgave bij ds. Anne van Voorst annevanvoorst@hotmail.com

Kerkelijke betrokkenheid is geen voorwaarde!

 

Ook buiten ons dorp blijkt er belangstelling te bestaan voor het organiseren van een Levende Adventskalender. In juli werd ik gebeld met de vraag of ik er een stukje over wilde schrijven voor het decembernummer van het landelijke Ouderlingenblad. In een geanimeerd gesprek met Willemien Bruggink, Koos Klunder en Tita de Boer kwam er genoeg informatie op tafel om er een artikel over te kunnen schrijven. In december kunnen dus in het hele land ouderlingen hierover lezen. En het is goed mogelijk dat in de komende jaren ook in andere plaatsen een dergelijk initiatief genomen gaat worden.

ds. Aniet van Amstel

 

 

De eerstvolgende bijeenkomsten van de bijbelkring vinden plaats op donderdag 27 september en donderdag 18 oktober van 9.30 tot 11.00 uur in het Kerkelijk Centrum.
We vervolgen de lezing en bespreking van de Eerste Brief van Johannes. Iedereen is van harte welkom om mee te komen doen.

ds. Aniet van Amstel

Wat is zegenen?
Allereerst is het belangrijk na te gaan wat het zegenen van mensen precies betekent. Wanneer er iemand gezegend wordt, dan wordt daarmee uitgedrukt dat iemand onder de goedheid van God en Zijn bescherming wordt geplaatst. Daarbij wordt tegelijkertijd ook het goede over iemand uitgesproken. Het Latijnse woord voor zegenen betekent dan ook letterlijk: goed spreken. Dus deze twee aspecten: het iemand toevertrouwen aan Gods goedheid en bescherming én het goed spreken over iemand, bevat de zegen. Om het op een andere manier te zeggen, zou je kunnen zeggen dat met de zegening de wens uitgesproken wordt dat de mens weer heel is in zijn relatie tot God en met de ander. God legt zijn Naam op de gezegende mens. Belangrijk is ook op te merken dat het niet de mens zelf is die de zegen geeft. Die is alleen maar het doorgeefluik. Zegenen is een gunnende daad van God, die de gemeente mag doorgeven. De zegen is dus geen uitdrukking van of jij het er mee eens bent. Op zondag wordt bijvoorbeeld zonder enige reserve de gehele gemeente gezegend. Terwijl iedereen weet dat er onder de gemeenteleden heus wel mensen zijn die dingen doen waar jij het niet mee eens bent. Toch mag het leven van een ieder onder de bescherming en goedheid van God gesteld worden. Wanneer nu de verbintenis tussen twee mensen in de kerk gezegend wordt, worden dus op dezelfde wijze, deze twee mensen onder de hoede en bescherming van God gesteld. Die verbintenis krijgt in de Nederlandse situatie in de meeste gevallen éérst haar beslag in een burgerlijk huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. De beslissing van twee mensen om in goede en kwade dagen elkaar trouw te zijn en met zorg te omringen wordt vervolgens, als daarom wordt verzocht, in de kerkgemeenschap bevestigd door haar te omgeven met gebed, woorden uit de Bijbel en een zegening.
Op grond van het voorafgaande zal duidelijk zijn dat je iemand niet zomaar de zegen onthoudt. Daarvoor moeten dan wel hele goede redenen zijn. Daarbij is het goed om te bedenken dat in onze hedendaagse samenleving, ook binnen de gemeenschap van de kerk, een veelvormigheid van ‘oplossingen’ is ontstaan voor het samenleven in liefde en trouw, en dat een gemeente kan besluiten, niet alleen over het traditionele huwelijk als enige ‘geldige’ oplossing Gods zegen te vragen en uit te spreken.

Het ‘homohuwelijk’
In de meeste gevallen zal het dan gaan om het zegenen van een huwelijk tussen twee geliefden van hetzelfde geslacht. Het zogenaamde homohuwelijk. Inmiddels is in kerk en samenleving breed aanvaard dat er mensen zijn die homoseksueel zijn en dat dit niet iets is om van te genezen. Maar daarmee zijn in de kerken de vragen niet uit de lucht, want hoe moet je nu omgaan met geloof, bijbel en homoseksualiteit? In de wat meer traditionele kerken wordt dan dikwijls gesteld dat het goed is om je in dat geval te onthouden van een relatie. Een goede gelovige moet zich dan onthouden van een liefdesleven. Dit is voor velen een onmogelijke eis gebleken, omdat liefde en seksualiteit nu eenmaal diepe en fundamentele krachten zijn in het leven van een mens. Vele homoseksuele gelovigen hebben geworsteld met deze eis om uiteindelijk tot de conclusie te komen dat er niets mis is met de liefde van de ene mens tot de andere. Wanneer iemand een partner vindt van hetzelfde geslacht met wie hij liefde en trouw kan delen, dan opent dat de weg tot een goed en gelukkig leven met zorg voor elkaar. Gelukkig zijn er ook veel kerken en gemeenten die hetzelfde inzicht zijn toegedaan.

De Bijbel en homoseksualiteit
Er is in de afgelopen decennia veel geschreven over de manier waarop onze aanvaarding van homoseksualiteit zich verhoudt tot wat de Bijbel erover zegt. Het zal wel altijd zo blijven dat gemeenteleden onderling van gevoelens verschillen over de vraag hoe ze bepaalde Bijbelteksten moeten wegen. Maar daarbij dan toch het volgende ter overweging: in de Bijbelse tijd werd nog niet gedacht in termen van homoseksualiteit als een geaardheid. Er werd niet gesproken over iemand die homoseksueel was. In het Oude Testament worden vooral homoseksuele daden, zoals bijvoorbeeld in Sodom, veroordeeld. Daarbij ging het om mannen die andere mannen verkrachtten, niet omdat ze homoseksueel waren, maar het was voor hen een uitdrukking van gewelddadige onderwerping en minachting, zoals nu nog steeds vrouwen en mannen verkracht worden als deel van de overwinningsstrategie. In de Romeinse tijd en in de steden van het Nieuwe Testament, zoals Paulus die kende, hadden de vrije mannen gewoonlijk eerst een tijdlang relaties met jongens, voordat ze met een vrouw trouwden. Jongens die hogerop wilden komen, konden daar nauwelijks omheen, of ze nu homo waren of hetero. Ook in deze situatie is geen sprake van een gelijkwaardige relatie, ontstaan in vrijheid en uit liefde. Het is goed deze context mee te wegen, wanneer we naar de Bijbel kijken. Van sommige zaken in de Bijbel zeggen we dat ze door het tijdsbeeld bepaald zijn, terwijl we van andere dingen menen dat ze blijvend geldig zijn. Om een heel ander voorbeeld te geven: Paulus verklaart dat een volgeling van Jezus geen bloed mag eten (Handelingen 15:20). Dit weerhoudt ‘bijbelgetrouwe’ christenen er niet van om rosbief of zelfs bloedworst te consumeren. Ook Paulus’ advies om, als het even kan, ook als heteroseksueel, niet te trouwen, wordt door de meest traditionele christenen zelden ter harte genomen. Dus blijkbaar hebben we in de loop van de tijd keuzes gemaakt, welke gegevens in de Bijbel als tijdloos gelden en welke niet.
Onze ervaring met echte en oprechte homoseksualiteit kan ertoe leiden, dat we Bijbelteksten, die stammen uit een tijd waarin homoseks niets met oprechte homoseksualiteit te maken had, mogen relativeren. Het gebod van de liefde voor God en de naaste is het centrale gebod in heel de Bijbel. Iemand die homoseksueel is, wordt niet helemaal bepaald door zijn seksuele voorkeur. Op de eerste plaats zijn we allemaal mensen, geschapen in liefde en bestemd om in liefde te leven.

Ds. Anne van Voorst

In 2004 bij de fusie van de kerken tot de Protestantse Kerk in Nederland werd in de Kerkorde vastgelegd dat gemeenten vrij zijn om homoseksuele stellen te trouwen maar ze zijn ook vrij om hun kerk niet open te stellen voor gelovige homo’s die willen trouwen. Het hangt dus van de plaatselijke gemeente af of zij een homoseksuele relatie willen zegenen of niet. Het huwelijk tussen ‘andere levensverbintenissen dan man en vrouw’ werd in de kerkorde gelijkgesteld aan het huwelijk tussen man en vrouw. Althans: bijna. Het verschil zit hem in twee letters. De ‘unieke relatie tussen man en vrouw’ wordt in een kerkdienst ingezegend. Andere relaties – tussen homoseksuelen en mensen met een geregistreerd partnerschap – kunnen worden gezegend. Het onderscheid is lastig te maken. Voor de kerkdienst zelf maakt het niks uit, het verloop en de trouwteksten zijn bij hetero’s en bij homo’s nagenoeg hetzelfde. Maar `inzegenen` is de gebruikelijke term voor het sluiten van huwelijken, en heeft  ‘een wat meer institutionele klank’. De term zegenen is ‘iets opener en speelser.’
Nu bijna 15 jaar later is de kerkorde wat dit betreft ongewijzigd gebleven. In onze
gemeente is tot op heden nog geen besluit genomen of andere relaties (tussen homoseksuelen of partners binnen een geregistreerd partnerschap) gezegend kunnen worden. Het zou goed zijn als wij ons als gemeente buigen over deze vraag voordat er zich een concrete vraag voordoet van een stel.
Daarnaast ontving de kerkenraad een brief van de ‘wijde kerk’. Dat is een christelijk initiatief van lesbiënnes, homo’s, biseksuelen en transgenders (LHTB-ers) of mensen die zich nauw betrokken voelen bij de LHTB-ers om ervaringen te vertellen over de eigen christelijke gemeenten en hoe die omgaan met een LHTB-er. Ook willen zij inventariseren in welke gemeenten LHTB-ers terecht kunnen met hun vragen maar ook of een zegening van een homorelatie/huwelijk mogelijk is.  Deze vraag van de Wijde Kerk is voor ons mede een goede aanleiding om als gemeente in gesprek te gaan over het zegenen van relaties, die anders zijn dan het huwelijk tussen man en vrouw.
Dat willen we doen op de gemeenteavond van 26 september. Elders in dit kerkblad kunt u lezen dat op deze gemeenteavond een ander thema is: de verbouwing van de Dorpskerk.
We hopen u daar allemaal te ontmoeten.

ds. Anne van Voorst

Op woensdag 26 september 2018 wordt er een gemeenteavond gehouden waarvoor wij u allen van harte willen uitnodigen. Op deze avond zult u over diverse zaken geïnformeerd worden, waaronder de herinrichtingsplannen voor de Dorpskerk en het in gang zetten van de verkoop van de Heurnse Kerk. Daarnaast zullen we ook spreken over het thema van de zegening van andere relaties dan het huwelijk tussen man en vrouw.  Daarover elders in dit blad meer!  We beginnen klokslag 20.00 uur, maar vanaf 19.30 uur kunt u al terecht voor een kopje koffie. We hopen u daar allemaal te ontmoeten.

Namens de kerkenraad,
Jenny Rigter

Voor mensen die om gezondheidsredenen de kerkdienst niet meer kunnen bezoeken, bestaat er bij onze gemeente de mogelijkheid om deze toch via de kerkradio te beluisteren. U krijgt hiervoor thuis een luisterkastje zodat de diensten in de Dorpskerk en de Heurnse Kerk te volgen zijn.
De kosten voor dit abonnement bedragen € 25,- per kwartaal.
De bewoners van het Dr. Jenny woonzorgcentrum kunnen de erediensten gratis beluisteren via hun eigen t.v. ontvanger.
Ook bestaat de mogelijkheid om voor een korte tijd een luisterkastje thuis te gebruiken.
Wilt u éénmalig luisteren naar b.v. een begrafenis of huwelijk dan kan dit gratis.
Voor de collecte wordt gebruik gemaakt van
oude spaarpotten van de Rabobank. Wie heeft
er nog één staan die opgehaald mag worden?
Voor inlichtingen over de kerkradio kunt u bellen met
Henk Veerbeek, tel. 652494 of Han Keuper, tel. 651317.

Henk Veerbeek

In de bergachtige Rukum-regio in het westen van Nepal is het moeilijk om voedsel te verbouwen. Hierdoor is er een voedseltekort en is 35% van de kinderen onder de vijf jaar chronisch ondervoed. In deze regio ligt een groot meer, dat heel geschikt is voor het kweken van vis. Dankzij de verkoop van vis op de lokale markt krijgen de boeren meer inkomsten. Samen met partnerorganisatie UMN (United Mission Nepal) helpt Kerk in Actie de bevolking hun inkomsten te vergroten door het verbeteren van de visteelt in het Syarpumeer. UMN ondersteunt bij de aanleg van kweekvijvers, geeft advies over watermanagement, bijvoorbeeld tijdens het regenseizoen, en over de verkoop van de vis.
UMN ondersteunt hen ook bij het verbouwen van groente en fruit tijdens de maanden dat landbouw mogelijk is. En ze trainen mensen om hun eigen geiten- of groentenbedrijf op te zetten.  Dankzij de ondersteuning van UMN op het gebied van landbouw en visserij stijgt het inkomen van de bevolking en kunnen 1600 mensen het hele jaar door voldoende voedsel kopen.  Met uw bijdrage aan deze collecte ondersteunt u werelddiaconale projecten van Kerk in Actie zoals het werk van United Mission in Nepal.
Meer informatie:  www.kerkinactie.nl/nepalvisserij
Helpt u mee om deze collecte, op 14 oktober 2018, tot een succes te maken? Hartelijk dank!
Ook is het natuurlijk mogelijk uw bijdrage over te maken via de bank.
Banknummer diaconie is NL65RABO0364857498 t.n.v. Diaconie PG Dinxperlo o.v.v.
Werelddiaconaat / Nepalvisserij.

Namens de diaconie,
Joop Wevers

 

Het boek Job gaat in op een paar van de lastigste vragen waar we als mens mee te dealen hebben. Waarom lijden mensen? Waarom overkomt ons wat ons overkomt? Is er een plan, een reden, een bedoeling?
De vrienden van Job weten het wel: ergens moet het Jobs schuld zijn dat het lijden hem overkomt. Het kan niet zo zijn dat hem dit ‘zomaar’ treft. Job zal het er zelf wel naar gemaakt hebben, ook al is hij het er zich misschien niet eens van bewust. Er moet een oorzaak zijn, of op z’n minst ergens een verband. Lijden heeft altijd een doel, een reden, een oorzaak. Job wordt hierdoor geraakt tot in het diepst van zijn wezen en hij vloekt en schreeuwt het uit. Hij veegt zijn vrienden de mantel uit en roept God zelf ter verantwoording.
En God antwoordt. Maar niet op de manier die Job verwacht. God weigert verantwoording af te leggen, God is en blijft on(be)grijpbaar. En misschien is dat maar goed ook.
Willen we een God die het verlengstuk is van onze wensen en verlangens?
Een almachtige probleemoplosser die alles kan oplossen, maar dat om God-weet-welke-reden niet doet? Willen we een God die samenvalt met wat ons overkomt?
Een God die we danken als het ons meezit, en die we verwijten maken als het ons tegenzit?
Dat is niet de God van Job, en dat is, als ik het goed begrijp, ook de les van het Bijbelboek Job. Geloven doe je niet om antwoorden te krijgen, niet om te begrijpen hoe alles in elkaar zit. Geloven doe je ook niet om de werkelijkheid naar je eigen hand te zetten. En al helemaal niet om er persoonlijk voordeel uit te halen.
Geloven doe je ‘om niet’. Zonder bijbedoeling, zonder winstoogmerk.
Want geloven gaat niet om begrijpen, om antwoorden, maar om vertrouwen. Om je toe te vertrouwen aan iets of iemand die groter is dan jij. Weten dat je aan de harde werkelijkheid zelf niet zoveel kunt veranderen, maar wel aan de manier waarop je met de werkelijkheid omgaat. Weten dat je in de zwaarste stormen niet aan de elementen overgeleverd bent, maar geborgen in Gods liefdevolle aanwezigheid.

ds. Kees Benard
was tot voor kort predikant van de Protestantse gemeente te Lemelerveld
en sinds 2 september van de Hervormde Kapelgemeente te Wierden

Illustratie: Marc Chagall, Job spreekt tot God